Politiek
Circuits PDF Afdrukken E-mail
zondag 20 maart 2011
De laatste weken kregen we als gemeenteraad van Meersen een aantal interessante presentaties voorgeschoteld. Dat was tijdens openbare bijeenkomsten maar de opkomst van burgers was teleurstellend. Dat die zich niet of nauwelijks melden, heeft alles te maken met de manier waarop we als gemeente denken over de communicatie met onze burgers. Mijn indruk is dat we de bedoeling hebben dat goed te doen maar op de een of andere manier missen we een afslag.
Volgens mij denken we nog te veel in gescheiden circuits van enerzijds burgers en anderzijds bestuurders. Terwijl we ons zouden moeten realiseren dat we samen onze gemeente moeten besturen. Dat er verkiezingen zijn en dat de burgers daarmee verantwoordelijkheid overdragen aan bestuurders doet daar niets aan af. Het gaat dan enkel en alleen om de bevoegdheid beslissingen te nemen. Dat enkelen die namens velen nemen maakt de boel iets overzichtelijker. Maar de andere kant is dat er een scheiding ontstaat. De bestuurder voelt zich - al dan niet terecht - belangrijk en de burger wordt terughoudend als het om deelnemen aan de meningsvorming en besluitvorming gaat. Er ligt een drempel waar de burger niet gemakkelijk meer overheen stapt. En de bestuurder verliest de burger als medebestuurder uit het oog.
Het is zaak die gescheiden circuits weer bij elkaar te brengen en in elkaar te laten overlopen. Dus als de politie, de GGD en de brandweer voor de raad verslag komen doen van hun werk, van hun successen en hun falen en van hun wensen, laten we dan heel gericht met name ook de buurtnetwerken uitnodigen. Naast een algemene en tamelijk vrijblijvende uitnodiging aan alle burgers via lokale krantjes en de gemeentelijke website. Hetzelfde geldt als het college van burgemeester en wethouders aan de raad verslag doet van een onderzoek naar de tevredenheid van onze burgers, een bureau de raad komt vertellen wat het voor de gemeente kan doen in het kader van de kerntakendiscussie of de raad uitleg komt geven over archeologisch onderzoek. We moeten er alles aan doen onze burgers weer te verleiden mee te besturen.
Het is niet voldoende om te zeggen dat je als politieke partij al in nauw contact staat met de samenleving. Hoe nauw je dat contact wilt hebben, moet bovendien elke partij maar voor zichzelf uitmaken. En elke politicus voor zichzelf. Dat contact kan gezien de mogelijkheid van vriendjespolitiek en cliëntelisme namelijk ook té nauw zijn. Nee, het gaat erom dat je als bestuur van de gemeente zo dicht mogelijk bij je burgers komt en dan met name de raad als club van mensen die uiteindelijk de beslissingen moet nemen. En daarvoor de verantwoordelijkheid moet dragen.
Laatst geupdate op ( zaterdag 26 maart 2011 )
 
Vraag PDF Afdrukken E-mail
zondag 05 september 2010
Brengen katholieke bussen je veiliger naar je werk? Roostert een protestantse toaster je brood goudbruiner? En werken islamitische stoplichten beter? Sluit een joodse ritssluiting beter? Het zijn onzinnige vragen want er zijn geen katholieke bussen, protestantse toasters, islamitische stoplichten en joodse ritssluitingen. En waarom niet? Omdat het klaarblijkelijk voor geen enkele consument iets uitmaakt uit welke confessie producent en product stammen. Is het dan dom om te vragen waarom er wel islamitische scholen, protestantse ziekenhuizen, katholieke zangkoren en joodse verzorgingshuizen zijn? Als je ervan uitgaat dat slechts van belang is dat kinderen goed onderwijs krijgen, mensen die ziek zijn weer beter worden, luisteraars plezier moeten beleven aan goede zang, lezers geïnformeerd worden over actualiteit en achtergronden en ouderen een aangename oude dag hebben.
Er was overigens een tijd dat de katholiek zijn melk kocht bij de katholieke melkboer. En de protestant zijn antraciet van de protestantse kolenboer. Islamieten en joden: niet anders. Ze kochten bij voorkeur bij de eigen soort. Maar die tijd van nogal strikte scheiding der geesten is hier in Nederland eigenlijk wel voorbij. Ook onder de moslim immigranten van de tweede helft van de vorige eeuw. Als die al voor een moslim leverancier kiezen, is dat naar mijn idee eerder omdat die ook van Turkse of Marokkaanse komaf is. Wat scholen, ziekenhuizen, verenigingen, kranten en zorginstellingen betreft zitten we in een overgangstijd. Ik hoop althans dat de ontzuiling van de samenleving ook daar definitief doorzet. En om te voorkomen dat die onder invloed van weer opspelende fundamentalistische tendensen niet doorzet, stel ik voor daar van staatswege een handje bij te helpen.
Wat ik wil zeggen is dat hier en nu voor mensen – ook de mensen die zich binden aan een bepaalde confessie – uiteindelijk op de eerste plaats kwaliteit het criterium is waarop zij een leverancier beoordelen. En dat lijkt me ook veruit het verstandigst. Ik kan me ook niet voorstellen dat er één god is die meent dat zijn gelovigen hun kinderen naar een school met slecht onderwijs moeten sturen of een krant moeten lezen waar onzin in staat. Of dat er mensen zijn die een god bedenken die dat van hun vraagt. Daarom lijkt het mij een prima idee om met elkaar eens een goed gesprek aan te gaan over de vraag of onze samenleving wel gebaat is met de grote rol die sommigen van ons menen dat daarin voor godsdienst is weggelegd.
Dat is dus niet de vraag naar de waarde die godsdienst voor individuele of groepen mensen heeft. Dat is ook niet de vraag die vrijheid van godsdienst ter discussie stelt. Het is de vraag of godsdienst eigenlijk wel een toegevoegde waarde heeft voor de kwaliteit van de samenleving. Neemt de kwaliteit van producten als onderwijs, zorg, informatie, sport en kunst af als de overheid uit de manier waarop die producten tot stand komen de religieuze component weert? Neemt die toe als de religieuze component daarin zijn huidige positie behoudt? De vraag naar die meerwaarde is met name relevant tegen de achtergrond van de constatering dat de toenemende fundamentalistische benadering en beleving van godsdienst een splijtzwam in onze samenleving is.
Kort door de bocht, het antwoord op die vraag zou kunnen zijn dat godsdienst zich niet meer zou moeten – willen – manifesteren in het domein van met name onderwijs, zorg, kunst en sport, waarin de staat, de overheid een primaire verantwoordelijkheid heeft. Hetzelfde geldt overigens voor de politiek. Partijen op basis van confessie zouden daarin geen rol moeten willen spelen. Zij voegen niets toe aan de kwaliteit van de politiek als voor de samenleving relevant product.
Laatst geupdate op ( dinsdag 05 oktober 2010 )
 
Netwerken PDF Afdrukken E-mail
zaterdag 28 augustus 2010
Paul Depla, de verse burgemeester van Heerlen, heeft verstek laten gaan op het Preuvenemint. Hij is althans niet verschenen op een speciale ontvangst aldaar waarvan de kosten betaald worden door Q-Park. Q-Park is een leverancier van de gemeente Heerlen en Depla wil daarom niet door dat bedrijf gefêteerd worden. Hij wil voorkomen dat er getwijfeld wordt aan zijn onafhankelijkheid als bestuurder. Zo begrijp ik. De ratio van die beslissing ontgaat een groot aantal collega-bestuurders in de regio. Want een borrel drinken op kosten van een crediteur wil toch niet zeggen dat je omkoopbaar bent. Plus suggereert niet verschijnen op zo’n bijeenkomst dat je netwerken als iets verwerpelijks ziet. En dat is het niet.
De regionale krant pookt de discussie nog even lekker op door bij de entree van de chambre séparée op de locatie van het Preuvenemint waarin de speciale bijeenkomst plaats heeft een verslaggever te posteren die de binnentredende notabelen naar hun mening over de afwezigheid van Depla en zijn mensen vraagt. Verreweg het meest verheffend is de reactie van gedeputeerde Noël Lebens: Ik geloof dat de politiek elkaar soms onderling bepiest. Netwerken heeft een meerwaarde, daar is niets mis mee. Een briljante manier om de discussie over belangenverstrengeling naar een serieus en bestuurders waardig plan te tillen. Je moet er maar mee in de krant willen komen.
Ook de lokale Partij Groot Meerssen maakt zich zorgen over belangenverstrengeling. Dit naar aanleiding van klachten over de veiligheid tijdens het ZLF, het jaarlijkse schuttersfestijn van de Zuid-Limburgse Federatie. Zij vraagt het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Meerssen onderzoek te doen naar de dubbelrol van wethouder Dejong in deze, namelijk én verantwoordelijk voor vergunningen én lid van de organisatie. PGM geeft met het stellen van die vraag een prima signaal af. Los van het antwoord op deze concrete vraag: het is verstandig – en niet alleen in tijden van bezuinigingen - zo nadrukkelijk de vraag aan de orde te stellen of leden van het openbaar bestuur er goed aan doen plaats te nemen in het bestuur van een organisatie en mutatis mutandis ook in het bestuur van een stichting of vereniging die om wat reden ook in relatie staat tot de overheid. Bijvoorbeeld als het om faciliteiten, subsidies of sponsoring gaat.
Ik ben van mening dat de positie die Depla inneemt op zijn minst aanleiding zou kunnen zijn tot een serieuze discussie die het niveau van elkaar bepiesen overstijgt. Persoonlijk ga ik als raadslid in principe niet op uitnodigingen voor bijeenkomsten als hierboven beschreven in. Ik kan namelijk niet beoordelen waar het geld voor de financiering ervan vandaan komt. En dan bedoel ik niet dat er een kans bestaat dat het niet eerlijk verdiend zou zijn. De reden is dat er een gerede kans is dat er ook overheidsgeld mee gemoeid is. Via facilitering, subsidie en mogelijk zelfs sponsoring. Ik probeer het gebruik van hapjes en drankjes op kosten van de kiezers tot een absoluut minimum te beperken. Misschien overdrijf ik maar ik kan daar zelf heel goed mee leven.

Geschreven op persoonlijke titel; zonder overleg met mijn fractie en bestuur.
Laatst geupdate op ( zaterdag 28 augustus 2010 )
 
Woelig PDF Afdrukken E-mail
maandag 24 mei 2010
Het is in de lokale politiek een woelige tijd geweest. En nog kost het veel tijd om overzicht te krijgen over alles wat er speelt en daarmee aan de slag te gaan. Dus eigenlijk is het nog maar de vraag of woelig inderdaad achter ons ligt. Er speelt een aantal zaken die ik zo snel mogelijk achter de rug wil hebben. Het centrumplan Meerssen en alles wat daarvan onderdeel is, bijvoorbeeld. En ik hoop dat we tempo kunnen maken met het Agnesplein in Bunde. Het zijn maar voorbeelden. Er ligt van alles te wachten dat de moeite meer dan waard is maar ook niet zonder slag of stoot tot een einde komt.
KIJJK!!! wil (mee) vorm geven aan duurzame ontwikkeling in Meerssen en de regio, het landschap voor nieuwe ingrepen behoeden en het lokale armoedebeleid geschikt maken voor de toekomst. Maastricht Aachen Airport moet zich vooral gedeisd houden. We moeten proberen de noodzakelijke bezuinigingen in grote kavels weg te zetten. Dus liever niet te veel klein bier en geruzie over marginale bedragen. Echte zoden aan de dijk, daar moeten we het mee doen. En we moeten als volksvertegenwoordigers dichter bij de burgers zitten. En dan niet zozeer via het lidmaatschap van besturen van verenigingen en stichtingen want dat schept mogelijk minder frisse verplichtingen maar via wat hier buurtnetwerken heet, bijvoorbeeld. Er zijn varianten op dat thema mogelijk. Let op: dit is een selectie.
Ik ben wel blij dat de kop van de nieuwe raadsperiode eraf is. We hebben in de Raad inmiddels een paar pittige debatjes gehad. Tijdens de laatste raadsvergadering zijn de raadscommissies de deur uit gedaan. En terecht, naar mijn idee. Twee jaar ben ik als gewoon burger lid geweest van zo’n commissie en ik moet zeggen dat daar – alle goede bedoelingen van de aanwezigen ten spijt – nooit iets echt spannends is gebeurd. Dat je zegt Ik had het niet willen missen want ik ben tot een geheel nieuw inzicht gekomen. De investering in tijd en geld in raadscommissies kan op bijna elke andere manier beter renderen. Een leven zonder raadscommissies moet absoluut mogelijk zijn en een leven met wat minder routine en wat meer onzekerheid kan heel heilzaam werken.
Wel hadden we even over het hoofd gezien dat met het schrappen van de raadscommissies het spreekrecht van burgers in het gedrang kwam. Dat daarmee een formeel spreekmoment uit beeld verdween, althans. Terecht dat de oppositie ons daar op wees. Maar, ondertussen zijn we in de weer dat recht te zetten. Ik heb overigens in twee jaar tijd welgeteld één keer een burger gebruik horen maken van dat spreekrecht – al doet dat niets af aan de juistheid van het bestaan van de mogelijkheid. Maar typerend is het wel. Wat mij betreft zal een nieuw model voor brede burgerparticipatie de burgers niet zozeer uitnodigen als wel uitdagen aan het politieke debat deel te nemen. Liever dan tijdens verjaardagen of andere feestelijke gelegenheden een potje te gaan zitten mopperen, af te wachten of een volksvertegenwoordiger het hoort en één keer in de vier jaar een stem op de op dat moment opgerichte partij van onvrede uit te brengen.
Er moet meer waarneembare en uitdagende reuring in de lokale politiek komen. Meer dynamiek in elk geval. Dus woelig is nog niet voorbij.
Laatst geupdate op ( zaterdag 28 augustus 2010 )
 
Stof PDF Afdrukken E-mail
zondag 11 april 2010
Het stof dat de verkiezingen hebben doen opwaaien is min of meer gaan liggen. We gaan weer langzaam over tot de orde van de dag. Er zijn weer raadsstukken te bespreken. Er zijn weer de reguliere vergaderingen die ritueel onze agenda’s vullen. Nauwelijks nog gehaaste telefoontjes, niet langer voordurend verhangen bordjes en een stuk minder wisselende en koersverleggende humeuren, inzichten en gevoelens. De coalitie is rond. Ik ervaar deze periode als de overgang van raften op Colorado River naar een kanotocht op de Ardèche. Je moet er nog altijd je hoofd goed bij blijven houden maar kunt al weer veel meer terugvallen op routine.
De raadsvergadering van afgelopen donderdag was onrustiger dan verwacht. We hebben het met KIJK!!! flink voor de kiezen gekregen. Het was te verwachten dat ons draaikonterij verweten zou worden. Het is een woord dat gemakkelijk in de mond ligt nu landelijk goedkoop populisme lekker scoort en de nuance in het politieke bedrijf en taalgebruik de status van stiefkindje heeft bereikt. Wij zijn van mening dat wij niet meer hebben gedaan dan onszelf de ruimte geven – en die ook hebben genomen – om coalitievorming te zien als een proces. En om processen tot een goed einde te brengen is wat ons betreft voortschrijdend inzicht onontbeerlijk.
Dat anderen ons laveren tussen de obstakels uit het verleden door en ons zoeken naar balans zien als draaikonterij is een kwestie van interpretatie. Je wilt dan het glas half leeg zien en niet halfvol. Overigens is eerst met de achtersteven van je boot over de finish gaan ook goed aankomen. Minder verwacht was dat ons verweten werd dat we – door ons aan te sluiten bij de coalitie – coalitiegenoot Partij Jo Dejong beloond hadden voor onheus gedrag in het verleden.
Ik heb tijdens de raadsvergadering mijn best gedaan uit te leggen dat KIJK!!! gaande de coalitiebesprekingen niet meer wilde denken in termen van goed en kwaad, van goedzakken en slechteriken, van meer en minder schuldigen aan de verstoorde verhoudingen in de Meerssense politiek. Daar kwamen we naar ons idee geen stap verder mee. We moesten het verleden achter ons laten, wilden we niet bij voorbaat de gemeente Meerssen op de klippen laten lopen. Natuurlijk kregen we ook adviezen in die richting. Laat Partij Jo Dejong en het CDA maar gewoon hun gang gaan. Als dat mis loopt – en dat loopt mis – dan is dat boontje komt om zijn loontje. Maar daarop insteken zou alleen maar geleid hebben tot een failliet voor de Meerssense politiek en tot nieuwe rancune.
En erger: tot mogelijk een situatie waarin de bestuurskrachtmonitor zou uitwijzen dat Meerssen het alleen niet af kan. Niet dat we de pretentie hebben als KIJK!!! een einde te kunnen maken aan de levensbedreigende politieke cultuur, maar we konden wel een duidelijk signaal afgeven dat wij die cultuur nu achter ons wilden laten. Dat wij bereid waren over onze eigen schaduw heen te springen. Ook als anderen dat zouden uitleggen als draaikonterij. Omdat we vierkant achter die beslissing stonden zouden we die ook kunnen uitleggen. Dat bracht ons op het punt dat we accepteerden dat de situatie was zoals die was. In de ogen van de oppositie hebben we daarmee de kwaden beloond en zijn we niet loyaal geweest aan de goeden. Ik begrijp dat dat – als je jezelf als representant van het goede ziet – erg zuur is. En dat je dan even stoom moet afblazen. En daar heeft de oppositie afgelopen donderdag volop de ruimte voor gekregen.
Wij denken dat we als KIJK!!!, gelovend in onze eigen kracht, met name loyaal moeten zijn aan onze eigen uitgangspunten en onze eigen kiezers. En aan het algemeen belang. De tijd zal uitwijzen of we de juiste afwegingen hebben gemaakt.

Geschreven op persoonlijke titel; zonder overleg met mijn fractie en bestuur. Dit is mijn laatste column naar aanleiding van de vorming van een coalitie in Meerssen. Tenzij veranderende omstandigheden en voortschrijdend inzicht een ander beslissing noodzakelijk maken.
Laatst geupdate op ( dinsdag 27 april 2010 )
 
<< Begin < Vorige 1 2 3 4 5 Volgende > Einde >>

Resultaten 1 - 5 van 23