Gasten
Gasten aan het woord PDF Afdrukken E-mail
woensdag 24 juni 2009
Onder Gasten een bekentenis van Lucie Houbiers, echtgenote en moeder van mijn kinderen. De bekentenis heeft de titel Bekentenis en je vindt het hieronder.

Onder de knop Gasten tref je bijdragen van schrijvers op uitnodiging aan. Of reacties van bezoekers van PaulsPlaats. Ik verander in principe niets aan hun tekst. In principe want deze site blijft wel PaulsPlaats. Als ik verandering wens, laat ik dat weten en breng ik die in overleg met de schrijver aan. Of ik plaats niet.
Laatst geupdate op ( maandag 16 juli 2012 )
 
Solidair PDF Afdrukken E-mail
woensdag 15 juli 2009
Door: Gabriël van Asseldonk

Nu leg je een beetje druk op me. Je nodigt me uit om als gast een column voor je website te schrijven, terwijl je weet – denk ik – dat ik meestal schrijf uit onvrede of recht uit het hart of van nog dieper beneden, de onderbuik. Ik zou natuurlijk kunnen reageren op een artikel uit n’importe welk dagblad of magazine. Zo staat er nu op de voorpagina van het door mij zo gekoesterde Brabants Dagblad Kinderbijslag groeit niet mee met de inflatie. Nou en, denk ik dan. Daar heb ik niets mee te maken. Of toch? Ik ben toch opa van een prachtige kleindochter wier ouders voor een deel van hun inkomen afhankelijk zijn van de kinderbijslag? Moet ik dus toch maar solidair zijn met mijn zoon en kleindochter?
Solidair verschilt maar één letter van solitair.
Vandaag was onze jaarlijkse personeelsdag. Georganiseerd door vrijwilligers uit de geledingen van het personeel. Alle applaus voor hen, want dat is niets voor mij, organiseren van een mega-happening op kleine schaal.
Solidair, dat was mijn insteek.
We gingen fietsen – happen en trappen heet dat tegenwoordig. En wel op de tandem. Ik zag mijn lijk al drijven. Met mijn twee gerenoveerde, zeg maar gerust vervangen, knieën achterop een tandem, een geval waarmee de stuurman of -vrouw waarschijnlijk ook nog nooit kennis gemaakt had. Dat wordt vallen, dacht ik en zegde toe dat ik mee zou doen met de barre tocht maar dan op voorwaarde dat ik mijn eigen vertrouwde stalen ros mocht bestijgen. Ik, als solitair, kon op die manier toch solidair zijn.
Dat was prima en kwam goed uit omdat er een oneven aantal deelnemers zou zijn en een driemenstandem nog niet uitgevonden was.
Iedereen ging dus op weg in een tweetal en ik dacht mezelf een bindende factor toe. Een beetje naar voren, praatje, een beetje naar achter, praatje, fotootje en zo verder. Totdat ik erachter kwam dat men op een tandem met gemak een snelheid kan ontwikkelen die boven mijn 1-mensenkracht kwam. Verdorie, die dingen liepen dus met een gemiddelde snelheid van zo’n 22 kilometer per uur. En dat kan ik als eenling wel even volhouden maar niet lang. Van mijn voornemen om via gesprekken de groep bij elkaar te houden kwam dus weinig terecht. Ik was nog zo naďef om te denken dat mijn collega’s mij solidair op sleeptouw zouden nemen….
Helaas.
Maar gelukkig kwam de hedendaagse techniek me te hulp. In goed gezelschap overigens van een slopende hitte en de vermoeidheid van veel deelnemers vanwege de onbekendheid met het fenomeen fiets, laat staan tandem. Koppel die vervolgens aan een afstand van 42 kilometer. De tocht ging van restaurant naar restaurant en dan natuurlijk via een omweg. Lekker fietsen door Brabants’ landschap, dat was de insteek. Maar bij een hapje hoort voor veel mensen alcohol. De doorgewinterde fietser weet dat alcohol meteen in de benen slaat, maar krijg dat de beginner maar eens aangepraat! Dus tel tenslotte bij een en ander op dat de steeds vollere magen en het alcoholgebruik ook hun partijtje begonnen mee te blazen. Kortom, de vermoeidheid sloeg in rap tempo toe en de vraag naar een verkorte route stak machtig de kop op.
Laat mij nu de enige met een GPS-apparaat zijn!
De kortste routes naar de diverse opeenvolgende restaurants zijn dan snel ingetikt. Maar dat hield wel in dat iedereen achter mij aan zou moeten fietsen. Dat was dan jammer. Gabriël fietste in de meeste gevallen ver achteraan, want solitair. Maar diezelfde Gabriël ontmoette alle hardfietsers ook weer op de eerstvolgende splitsing, want alleen hij wist van het correcte links-, rechts- of rechtdoor.
Waarmee ik maar wil zeggen dat solitair en solidair niet zoveel van elkaar verschillen en in veel gevallen van elkaar afhankelijk blijken zijn.

Gabriël van Asseldonk is docent VMBO. Deelpensioengerechtigd, want 62, maar nog steeds in functie. Samen met zijn vrouw W. heeft hij 1 zoon, 1 schoondochter en 1 kleindochter. Buiten zijn schoolse werkzaamheden heeft hij als tijdbestedingen: bezoeken aan Frankrijk, fotografie en modeltreinen.
Laatst geupdate op ( woensdag 15 juli 2009 )
 
Moment PDF Afdrukken E-mail
dinsdag 07 juli 2009
Door: Daan Jansen

Soms heb ik een moment waarop ik een soort flashback heb. Niet zomaar een flashback maar het idee dat je het nu al eerder hebt meegemaakt. Een geur of hoe het weer is, is het begin van zo’n moment dat ik koester; het zijn mijn momenten die mij een fractie van een moment rust en geluk brengen.
Het kan de dauw op een mooie lentedag zijn. Zo'n ochtend waarop het koud is en er tegelijk een stralende zon staat aan een strak blauwe hemel. Je ruikt de frisheid, de natuur. Zo’n ochtend doet mij terugdenken aan mijn jaar in Australië. Daar had je veel van die ochtenden, gedurende een groot deel van de herfst, winter en lente. Ik ging er 's ochtends naar school met de bus. Op die ochtenden, waarop de frisheid mijn reukorgaan kietelde, pakte ik meestal de bushalte verder om op te stappen. Ik vond het heerlijk om onbezorgd onder een mooi zonnetje, niet te warm, lekker te wandelen. De geur van die ochtenden en het gevoel die ze oproept, komt nu nog heel af en toe langs.
Wat zo jammer is van deze momenten is dat ze zo kort duren. Ze vallen me op, ik geniet ervan, ik denk er nog even over na en ga dan weer door met m’n dag. Ik heb dit gelukkig met meer geuren. Bijvoorbeeld met hoe iemand uit mijn verleden rook. Ik heb ooit een Chileens meisje gekend (óók in Australië) die altijd een heel speciaal parfum gebruikte. Daar realiseerde ik me niet dat ik het rook, maar het is mij later een paar keer overkomen dat ik door een winkelstraat liep en haar geur opdook uit het niets. Als een tikje op mijn schouder.
Mijn wereld staat dan even stil. Ik herinner me de geur maar het volgende moment is ie al weer weg. Toch, het moment waarvan ik de geur ken is dan weer helemaal terug. Ik heb mij weleens voorgenomen om proberen te traceren van wie in die winkelstraten deze geur kwam. En die persoon dan te vragen welke geur het is. Ik heb me bedacht dat ik dat niet moet doen want het gaat me uiteindelijk om het moment.
Daar houd ik van. Van het moment dat de wereld stil staat, dat ik complete rust ken, dat ik geniet.

Daan Jansen is Pauls jongste zoon. Hij werkt in de logistiek, woont in Venray en werkt in Venlo. Hij schrijft graag maar komt er niet zo heel vaak toe. Dat vind hij jammer. Maar, hij is een nuchter mens en kan zich daar dus niet zo over opwinden. Over het algemeen straalt hij rust uit. Zelf weet hij heel goed dat schijn vaak bedriegt.
Laatst geupdate op ( donderdag 23 juli 2009 )
 
De columnist PDF Afdrukken E-mail
dinsdag 30 juni 2009
door: Hans van Helmond

De ware politieke columnist is als het jongetje in het sprookje van Andersen dat uitriep: “Maar hij heeft helemaal niets aan!” toen de keizer in een stoet voorbij schreed. Niet veel argumenteren, gewoon constateren wat de misleide burger tot dusver is ontgaan. Bijvoorbeeld dat Rita Verdonk helemaal niets om het lijft heeft. Zoiets.
Het verschijnsel columnist lijkt zo ongeveer samen te vallen met de opkomst van de media. Eerst in de krant, later ook voor de radio en ten slotte op televisie. Alleen bij laatstgenoemde massamedia doen ze het niet zo best, de columnisten. Een verrassend gezichtpunt dient te worden gelezen en overwogen, en is dus eigenlijk niet om aan te horen, laat staan aan te zien. Herinner je maar die kaduke koffergrammofoon Ronald Plasterk in Buitenhof.
Er bestaat overigens een Griekse mythe waaruit je kunt opmaken dat het verschijnsel columnist al moet hebben bestaan lang voor het ontstaan van de krant. Ik doel op het verhaaltje over koning Midas, dat trouwens een opvallende overeenkomst vertoont met het sprookje van Andersen. In zijn hoedanigheid van jurylid bij een finale van Idols tussen Pan met zijn rietfluit en Apollo met zijn lier, was Midas zo onverstandig om een voorkeur voor Pan uit te spreken. Apollo strafte hem daarop met een paar ezelsoren als zichtbaar teken van zijn muzikaal onbenul. En hoewel Midas van alles ondernam om deze misvorming te camoufleren, kwam zijn kapper er onvermijdelijk bij uit. Wel wetend dat hij over zijn ontdekking maar beter zijn mond kon houden, maar ook niet in staat om zijn communicatieve aandrang geheel te onderdrukken, groef deze een gat in de aarde waaraan hij zijn geheim toevertrouwde. Op die plek begon later een rietbosje te groeien en als de wind daar doorheen blies kon je duidelijk horen fluisteren: “Koning Midas heeft ezelsoren!”
Het was destijds dus wel een beetje behelpen met de mededeling van de kapper bij het ontbreken van een geschikt medium om zijn ontdekking wereldkundig te maken. Toch doet hij me ook denken aan mensen zoals Paul Jansen, die bij een mondiaal medium als het internet toch kiezen voor een bescheiden, afgeschermde weblog waaraan zij hun geheimen, dromen en verfrissende ideeën toevertrouwen. De barbiers van onze dagen, bijna dagelijks in de weer om het onbenul van nu te knippen en te scheren. Maar vergis je niet, het kan lang of kort duren, maar er komt een moment waarop het ruisend door de media zal gaan en de boodschap op ieders lippen zal zijn: “Hij heeft niet alleen niets om het lijf, maar ook nog ezelsoren!”

Hans van Helmond woont in Houthem (gemeente Valkenburg aan de Geul), studeerde filosofie, Nederlands en onderwijskunde, en heeft zich na zijn loopbaan als leraar (ooit collega van Paul Jansen) en schoolleider eindelijk met hart en ziel kunnen gaan storten op zijn kunstzinnige liefhebberijen (beeldend en schrijvend).
Laatst geupdate op ( dinsdag 30 juni 2009 )
 
<< Begin < Vorige 1 2 Volgende > Einde >>

Resultaten 6 - 9 van 9