Columns
Buiten PDF Afdrukken E-mail
donderdag 26 mei 2011
Sinds een jaar of vier wonen wij buiten. Dat klinkt raar want een slecht verstaander trekt daaruit al snel de conclusie dat wij in de open lucht huishouden. Buiten betekent hier buiten de kom van het dorp, op het platteland dus. Dat hier overigens niet bepaald plat is. Integendeel. Maar ik wil niet op elke taalslak zout leggen. En ik moet met dit stukkie ook verder naar mijn echte onderwerp.
Buiten wonen is heel iets anders gans get anders, zeggen ze hier in de buurt, in Maastricht vooral dan wonen midden in dorp of stad. En dan staat ons huis ook nog eens in een verbindingszone in de EHS. Jawel. De Ecologische HoofdStructuur van Nederland. s Nachts, als wij uitgeteld liggen bij te komen van ons decadente burgerleven, kan er goed een vos of een wild zwijn voorbij het huis komen. Op weg naar kip van de boerderij of een maaltijd van eikels, kastanjes of een muisje in het Kalverbos.
Binnenkort kunnen deze wilde dieren zelfs over de naburige A2 heen, helemaal naar het Bunderbos en verder weg het Maasdal in en van daaruit weer terug naar de Biesenberg, het Watervaldal en de Wijngaardsberg, door naar het plateau dat zich uitstrekt tot Valkenburg en dan ng weer verder. En in die wereld tik ik mijn stukkies terwijl ik uitkijk over de weiden. Waar ik vanochtend twee hazen zag. En daarover twitter ik dan. Vier keer dit keer, bijvoorbeeld.
1. In de wei naast het huis zitten twee fikse hazen onder een koel, zacht windje in een weldadig zonnetje aan het fris groene gras te knagen.
2. In de wei naast het huis hebben twee hazen zichzelf lekker vol liggen knagen en nu koesteren zij zich onbekommerd in de zon.
3. Van een afstandje zien de twee hazen in de wei er voor de hond aan de rand van het bos uit als twee hopen zand, opgeworpen door een mol.
4. Ik heb twee hazen in een wei zo dicht bij mensen en ook honden nog nooit zo onverstoorbaar zien liggen rusten als deze twee, vanochtend.
En dat bedoel ik dan met dat buiten wonen gans get anders is.
 
Klagen PDF Afdrukken E-mail
dinsdag 24 mei 2011
Heb ik eens helemaal geen zin om in mijn volgende, dit dus, stukkie ergens over te klagen, doet zich daarvoor een eigenlijk veel te mooi voorval voor. Zul je altijd zien. En toeval bestaat niet dus dan kun je er maar beter iets mee doen. Enfin, we zitten afgelopen zaterdagmiddag op een terras in #Gulpen. Het duurt wat lang voor er bedienend personeel opduikt en dat verdwijnt vervolgens naar een tafel met drie jonge meiden die wat later dan wij zijn neergestreken. Moet kunnen. Ik had het niet eens gezien. Zat er met de rug naar toe.
Het bedienend personeel is een meneer. Met een bril. Om beter te kunnen zien. Neem ik aan. En met een beetje rood hoofd. Waarvan de oorzaak noch de functie duidelijk is. Op zijn terugweg van de meiden loopt hij zonder te kijken langs ons tafeltje. Even later vraagt mijn lieve L. om de kaart, maar die ene vraag is al n vraag te veel. Of we even kunnen wachten? Een dempend handje boodschap #ff dimmen, ik bepaal hier het tempo - vergezelt zijn vraag om geduld. Ik kom zo bij u. En daarmee is de toon voor het communicatieve register gezet.
Als de #ober zijn weg naar onze tafel eindelijk gevonden heeft, vragen we toch maar even of het zo raar was om de kaart te vragen. Per slot van rekening zitten we al even op het terras, en ook nog langer dan andere klanten. Ook deze vraag tikt door. En is dom, blijkt. Want, Meneer, mevrouw, moet u luisteren, voor u staat een gezonde Nederlandse man en als die aan een tafeltje drie jonge vrouwen ziet zitten, dan gaat deze gezonde Nederlandse man eerst naar het tafeltje met de drie jonge vrouwen.
Ja, en dan dringt zich natuurlijk aan ons, vier ouderen, de overeenkomst met Dominique Strauss Kahn op. Vanwege diens eveneens nogal in het oog lopende ontvankelijkheid voor vrouwelijk schoon. Mevrouw, meneer, let even op, die is nog niet veroordeeld. Je bent pas schuldig als de rechter heeft gezegd dat je fout bent geweest. Nee, das waar, maar wij bedoelden meer qua libido sec, libido an sich zeg maar. Even valt er een stilte waarna onze #ober zijn draad weer oppakt. Mevrouw, hier heeft u de kaart en wat gaat het worden, wat drinken betreft?
Maar wij denken dat wij niet zo veel zin meer hebben in een drankje en een hapje, door deze #ober uitgeserveerd. Wij voelen ons geschoffeerd*. Wij stappen maar eens op. Wat aan onze #ober een Dat is een goed plan ontlokt. En we verkassen naar het terras van de buurman. Daar nog lekker geluncht.

*We hebben even later wel de gelegenheid te baat genomen om een vrouwelijke collega van de #ober mogelijk zijn chef bij te praten over het voorval. Ze was zeer ontdaan. We hebben haar moeten bezweren dat wij onze dag niet door het incident met de #ober zouden laten bederven. We hebben haar raad opgevolgd. Zij leek ons een erg beschaafd en verstandig mens.
Laatst geupdate op ( dinsdag 24 mei 2011 )
 
Schrijven PDF Afdrukken E-mail
dinsdag 17 mei 2011
Ik lees vanochtend in mijn krant dat er twee redenen zijn om te schrijven. 1. om er geld mee te verdienen en 2. omdat je het leuk vindt. Althans volgens Annie M.G. Schmidt. En je moet vooral niet schrijven om de erkenning. Erkenning en met name veel daarvan is namelijk alleen maar lastig, vindt ze. Nou is erkenning volgens mij voor de meeste auteurs nog het minste probleem omdat je daarvoor ook nog goed moet kunnen schrijven. Of althans moet kunnen schrijven wat veel mensen graag willen lezen.
Zoals Kluun. Die overigens van het Letterenfonds te horen kreeg dat zijn werk niet literair genoeg is voor een plek in de delegatie van Nederlandse schrijvers naar de boekenbeurs in Beijing, eind augustus. Ik weet niet of dat terecht is want ik heb niets van Kluun gelezen. En ik denk ook niet dat dat er nog ooit van komt. Trouwens, zelf heb ik geld verdiend met schrijven en ik vond het schrijven leuk. En tot op zekere hoogte kreeg ik daarvoor nog wel erkenning ook want de mensen bleven maar opbellen en mailen met de vraag of ik iets voor hen wilde schrijven. Liefst to the point, spits en foutloos. En soms doe ik dat nog wel eens. Omdat ik het leuk vind.
Rijk ben ik van dat schrijven in opdracht niet geworden en die erkenning van bellers en mailers heeft me niet in de schoolboeken doen belanden. Laat staan dat het Letterenfonds hier vanmiddag op de stoep staat om te vragen of ik meega naar Beijing, eind augustus. Niet dat ik dan zou kunnen, hoor, want dan heb ik een feestje hier thuis gepland en een deel van de uitnodigingen is de deur al uit. Tot schrijven om in de schoolboeken te komen kan ik me niet zetten. Soms vind ik dat jammer maar doorgaans kan ik daar heel goed mee leven.
Wat ik niet kan, is blijven zitten tot het er staat. Althans niet als het om een roman of theaterstuk gaat. Naar beide gaat mijn hart uit en van korte verhalen houd ik niet. Minstens zo erg staat me in de weg ik ben een watje, denk ik - dat ik personages maar heel moeilijk allerlei vervelends kan laten overkomen. Wrede ziektes, een uiterst ongelukkige liefde of een ongeluk met een luchtballon. Ook erg: dat ik een creatuur het leven geef, louter en alleen om in mijn verhaal anderen allerlei narigheid te bezorgen. En mogelijk nog erger: iemand heel erg gelukkig laten worden, met de liefde van zijn of haar leven en daar dan een kindje van.
Zo nu en dan een stukkie als dit, daar moeten jullie en ik het mee doen.
 
Dodo PDF Afdrukken E-mail
vrijdag 22 april 2011
Ik ben weer helemaal gerustgesteld. Mijn Volkskrant vertelde mij deze week op pagina 2 dat de discussie over het gewicht van de dodo geheel in tegenstelling tot de dodo zelf nog altijd springlevend is. Ze is zelfs in een nieuwe fase gekomen. We kennen de dodo van afbeeldingen als een nogal dik dier. Maar, wetenschappers uit Lyon meenden dat het dier veel slanker moet zijn geweest. Een wetenschappelijke formule die zij loslieten op de botjes van de pootjes van de dodo deed hen dat licht zien. Conclusie: zijn gewicht zat tussen 9,5 en 18 kilos.
En nu hebben wetenschappers uit Parijs die wetenschappelijke formule ge-update en zij zijn tot de conclusie gekomen dat de dodo in gewicht zeker het dubbele deed. Waarmee werkelijkheid, waarneming en afbeelding betreffende de dodo weer dichter bij elkaar lijken gebracht. Voor zo lang dat duurt, natuurlijk. Want wetenschappers uit Lyon en Parijs, gaat dat eigenlijk wel samen? Ik bedoel, als je elkaar op het punt van het gewicht van de dodo al niet kunt vinden, hoe is dat dan met zaken die echt ergens over gaan? Dat lijkt op onmin en vijandschap met een rijke historie n een gouden toekomst.
Toch, het voelt goed dat er zaken zijn die altijd gewoon doorgaan. Ik hoor graag over zaken die hoofdzakelijk sudderen en zich niets aantrekken van al het heftigs dat zich als groot nieuws in onze media manifesteert. Zoals molens die altijd maar door draaien. Gewoon omdat ze er nu eenmaal staan en omdat er altijd wel wind is. En kippen die eieren leggen omdat hun lijven nou eenmaal altijd eieren willen maken. En meer van dat perpetuum mobile. Zaken waar je geen aandacht aan hoeft te besteden omdat aandacht helemaal niets toevoegt.
Zo kost dit stukje schrijven alleen maar energie. Het voegt niets toe aan de discussie over het gewicht van de dodo. En als je dat anders ziet, dan hoor ik dat graag. Wat mij betreft is het zon stukje dat geschreven wordt omdat tien vingers toevallig in de buurt van een toetsenbord waren. Je had het ook helemaal niet hoeven te lezen. Maar misschien had ik je dat eerder moeten vertellen. Dat het je per saldo eventueel alleen even zou afleiden van al het heftigs.
 
Gemeen PDF Afdrukken E-mail
zondag 10 april 2011
Als je de inwoner van een verzorgingshuis pap belooft en die is er niet en je prakt vervolgens de bloemkool tot een papje dan is dat gemeen. Vindt de staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Marlies Veldhuijzen van Zanten-Hyllner in het NOS-journaal. En ik ben dat helemaal met haar eens. Wie geprakte bloemkool aanbiedt als pap verslijt de klant voor gek, toont geen respect en heeft het hart niet op de goede plaats. En verdient een stevige reprimande. Wat me ook deugd deed aan haar reactie was dat ze het woord gemeen gebruikte.
Gemeen is een wat gedateerd woord. Je hoort het niet zo vaak meer. Dat was in de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw wel anders. Het scoorde toen zeker een hogere gebruiksfrequentie. Is mijn indruk. Want dat je niet denkt dat ik put uit wetenschappelijk onderzoek of het eenvoudiger telwerk van taalwetenschappers. Prettig is trouwens ook zon woord, en vrolijk niet te vergeten. En pienter en kies. En beleefd. Het zijn woorden die gangbaar waren in de sfeer van de omgang van mensen met elkaar en van hoe mensen naar elkaars gedrag keken. Stoer is een tijdje weggeweest maar duikt weer vaker op. En nu dan opeens ook gemeen.
Gemeen is een perfect woord. Het heeft een eerste, korte lettergreep voor een aanloopje vol kracht in stille opbouw, een tweede die begint met een m waarvoor je je lippen stevig op elkaar moet zetten en dan volgt op de klemtoon een ee die strak als het lemmet van een mes de mondholte kan verlaten om uit te monden in een n, goed voor een venijnige natrap. Toen gemeenheid een woord als een jas zocht was het logisch dat ze bij gemeen stil bleef staan.
Gisteren, in hetzelfde journaal werd bekend dat Sahar met haar zachte naam mag blijven. En in de loop van de avond bleek dat de PVV dat gedoogt omdat Sahar zo verwesterd is. Maar ook dat alle meisjes die met haar verglijkbaar zijn er niet op moesten rekenen dat zij ook welkom zijn, hier bij ons. Ik vind dat gemeen van de PVV. De willekeur van Wilders en zijn mensen is in en in gemeen. Gemeen is willens en wetens prikken op een plek waar het ons het meest pijn doet. En waar dat is, weet een volwassen gemenerik omdat hij als kind vaak zelf getreiterd is.
Kan iemand dat eens uitzoeken, hoe dat zit met jeugd van Wilders en zijn vrienden en vriendinnen? En als de diagnose pestkop is, is dan heropvoeding een optie? In zon kamp?
Laatst geupdate op ( maandag 11 april 2011 )
 
<< Begin < Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Volgende > Einde >>

Resultaten 31 - 35 van 199